Wij zijn een vrije gemengde basisschool met een speelplaats voor kleuters en een speelplaats voor de lagere school. Als school
leveren we een zeer sterke inspanning naar het ontwikkelen van taal en socio-emotionele vaardigheden, omdat we kinderen op
die manier maximale kansen kunnen bieden. Samen met het team bouwen wij aan een positieve teamsfeer en een positieve
samenwerking met de ouders. In onze school willen wij allen, leerkrachten, ouders, directie en schoolbestuur meewerken aan één
en hetzelfde doel: de hoogste kansen bieden aan de ons toevertrouwde kinderen!

We zijn een herkenbare christelijk gelovige school

 

Ook al is geloven in onze snelveranderende maatschappij niet meer vanzelfsprekend, toch wil onze school zich laten leiden door de
boodschap van Jezus Christus. We willen onze kinderen opvoeden tot optimistische kinderen met een open en kritische geest. In de
godsdienstlessen maken ze kennis met het leven en de boodschap van Jezus. We willen aan kinderen waarden meegeven die door
Jezus zijn voorgeleefd: verdraagzaamheid, rechtvaardigheid, eerlijkheid, dankbaarheid, naastenliefde, ruimdenkendheid, solidariteit,
eerbied, vergevingsgezindheid, zorg voor zwakkeren …
Wij vieren mee met het kerkelijk jaar in de parochie via verschillende schoolvieringen.

Via de projecten “Welzijnszorg” en “Broederlijk delen”
proberen we de kinderen bewust te maken van onze Westerse
welstand en hen kritisch te doen nadenken over onze heersende consumptiemaatschappij.

We bieden kwaliteitsonderwijs aan

 

We staan stil bij wat kinderen moeten leren om op te groeien tot ‘goede’ mensen. Het uniek zijn van elk kind staat voorop. Ons aanbod is
gericht op de harmonische ontwikkeling van de totale persoon: hoofd, hart en handen.

Hoofd

In het kleuteronderwijs bieden wij activiteiten aan waarbij de kleuters
gestimuleerd worden in hun taalkennis, wiskundige initiatie en het
verkennen van de wereld.

Kleuters gaan op uitstap naar het bos, de winkel … Tijdens de
verschillende thema’s worden de materialen van dit thema gebruikt;
dit zowel om hun woordenschat te verruimen, alsook bij de
wiskundige initiaties (bv. kastanjes of schelpen worden gebruikt bij
het tellen, bij de begrippen meer of minder …).

In het lager onderwijs streven wij naar het bereiken van de eindtermen,
rekening houdend met de mogelijkheden van elk kind. Daarbij worden de
leerplannen van het Katholiek Onderwijs gevolgd.

 

Handen

Wij willen de kinderen vaardigheden bijbrengen en laten leren via
ervaringen.

Kleuters krijgen de kans om hun vaardigheden te oefenen:
- Grove motoriek: tijdens het spelen, fietsen, lopen, springen …
- Fijne motoriek: tijdens het knippen, knutselen, schilderen …
- Zelfredzaamheid: zelfstandig hun jassen aan- en uitdoen, handen
wassen …

Leerlingen van het lager onderwijs krijgen de kans om daaraan te werken tijdens
de lessen schrift, tekenen, knutselen …
Handen worden ook gebruikt om zich te uiten, aandacht hebben voor
“technische zaken”, waar er zowel met handen als met het hoofd moet gewerkt
worden.
Lichamelijke ontwikkeling krijgt vooral de aandacht tijdens de lessen
bewegingsopvoeding, zwemmen en de sportactiviteiten.

 

Hart

School maken doe je niet alleen. Kinderen leren sociale vaardigheden als:

respect hebben voor zichzelf, voor elkaar, voor elkaars materiaal, verdraagzaam zijn,
leren samenwerken, eigen mogelijkheden en beperktheden leren kennen en er gaandeweg
mee leren omgaan …

We hechten belang aan een degelijke opvoeding

 

Wij streven ernaar dat iedereen zich goed voelt in de klas en op school.
Daarom nemen wij initiatieven:

- Via leefregels goede afspraken maken en naleven.
- Het goede en unieke in elk kind zien en stimuleren.
- Boeiende activiteiten, lessen en leeruitstappen organiseren.
- Ruimte scheppen voor de verschillende meningen van de kinderen.
- De klasinrichting functioneel en uitnodigend verzorgen.

We hebben aandacht voor een nette en ordevolle schoolomgeving. De aandacht voor het gedrag en het spel van de kinderen resulteerde reeds in:

- Het aanbrengen van de speelkoffers op de speelplaats voor de leerlingen van het
lager en kleuter.
- Het houden van maandpuntjes: een bepaald thema wordt aan de kinderen
aangebracht. Dit kan gaan rond bepaalde leefregels (beleefdheid, stilte in de rij …)
alsook rond bepaalde projecten (fluojas-actie/leesproject …).


Hierbij zijn Mossie en Biezie onze mascottes:

 

Wij werken aan de ontplooiing van elk kind, vanuit een brede zorg

 

Werken vanuit een brede zorg betekent:

Oog hebben voor de gewone “zorgvragen” van kinderen


Ieder kind is anders – uniek - en heeft eigen vragen/problemen en mag daarvoor aanspraak maken op de nodige zorg. Wij worden uitgedaagd om
het onderwijs zoveel mogelijk af te stemmen op de noden van de kinderen en hen de kansen te geven om zich vanuit hun eigen mogelijkheden te ontwikkelen.

Oog hebben voor de bijzondere “zorgvragen”

Het opsporen en bijsturen van leerproblemen verloopt zo’n beetje als het ziek zijn van mensen. Een probleem wordt vastgesteld door
een plots acuut symptoom. Het kind kan niet meer volgen in het leren van basisvaardigheden zoals rekenen, lezen en schrijven of het vertoont moeilijk
gedrag. Sommige problemen worden ook vastgesteld vanuit vooraf geplande toetsen.
Een eerste stap is het goed bepalen wat er ‘hapert’. Dit gebeurt meestal door de klasleerkracht.

1. Bij een voortdurend probleem: de leerkracht die het probleem van het kind onderkent, geeft een seintje aan de zorgcoördinator en bespreekt in een informeel overlegmoment (tijdens de pauze of na school) welke analyses en observaties
nodig zijn om te komen tot een degelijk overleg.

2. Bij vooraf geplande toetsen: voor het kleuter maken wij gebruik van het kleutervolgsysteem, in het lager maken wij gebruik van de CSBO-toetsen. Ook daar kan aan het licht komen dat kinderen bepaalde problemen of leerachterstanden hebben.

Er wordt in beide gevallen overlegd of dit probleem éénmalig is of niet, een overleg met de ouders gepland en wat er binnen de school aan kan gedaan worden.

Wanneer wij het binnen de school niet alleen kunnen oplossen is de tweede stap het houden van een overlegmoment met externe partijen, na goedkeuring van de ouders. Tijdens dit moment wordt overleg gepleegd tussen de klastitularis, directie, zorgcoördinator, medewerker CLB (Centrum voor Leerlingbegeleiding) en eventueel
andere externe medewerkers die hiervoor nodig kunnen zijn (bv. logopedist, kinesist …). Ook hier is nog steeds de vraag: ”Wat kunnen wij binnen de school doen om het kind verder te begeleiden en de nodige kansen te bieden?”

Een derde stap

Zelfs in een positief zorgverbredend schoolklimaat blijven de middelen van een gewone school voor de opvang van sommige leerlingen met speciale onderwijsnoden eerder beperkt. Soms beschikt het team niet over de nodige deskundigheid of middelen om een leerling in zijn ontwikkeling te begeleiden. De school zal samen met de ouders en het
CLB op zoek gaan naar andere onderwijsoplossingen.

In elke stap wordt duidelijk de rol en verantwoordelijkheid van alle betrokken
partijen bepaald. Er wordt doorheen het hele plan steeds overleg gepleegd met
de ouders. Voor de zorgwerking rekenen we dan ook op een actieve ondersteuning van de ouders.


We vinden samen school maken heel belangrijk

 

De ouders hebben nog steeds de eerste verantwoordelijkheid voor de opvoeding en het
onderwijs van hun kinderen. Daarom vinden we het normaal dat de school nauw samenwerkt met de ouders.

Dit doen we onder andere via de heen- en weerschriftjes in het kleuter, de agenda in het lager, een openklasdag, ouderavonden in lager en kleuter, een eventueel huisbezoek bij nieuwe leerlingen, oudercontacten, nieuwsbrieven en een website.

Samen school maken betekent ook dat de leerlingen zich bij het schoolgebeuren betrokken voelen.

Dit kan zowel op klasniveau: de keuze van bepaalde thema’s die in de klas aan bod
komen, kringgesprekken …

Dit kan ook op schoolniveau: via een ideeënbus (leerlingenraad) en magneetborden in
de gang waar allerlei info voor de leerlingen op te vinden is.

Tijdens personeelsvergaderingen en andere overlegmomenten zoeken wij samen als team naar een beter functioneren om onze werking nog beter af te stemmen op elkaar, op de noden van de kinderen, op de totale ontwikkeling van de kinderen.

Verder streeft onze school naar een constructieve samenwerking tussen alle participanten:

- Het schoolbestuur
- De ouderraad
- Het CLB
- De pedagogische begeleiding
- De plaatselijke gemeenschap


Hiermee is lang niet alles gezegd en geschreven. We willen blijven werken aan ons eigen opvoedingsproject. Vermits onderwijs geen statisch systeem is, zullen we blijven inspelen op nieuwe maatschappelijke uitdagingen.